sanneke huisman

kunstkritiek

De kunst van film

Expanded Cinema
28 september t/m 2 december 2012
EYE, Amsterdam

In de donkere ruimte van Expanded Cinema doemt een rij van zeven schermen op. Met Yang Fudong’s The Fifth Night (2010) wordt meteen duidelijk dat in Expanded Cinema wordt gebroken met de regels van de cinema. Op de zeven schermen van het werk wordt vanuit evenveel standpunten een verhaal verteld. Althans, verhaal; door de enorme wijdte en hoeveelheid aan standpunten blijft  voor de kijker niet meer dan een gefragmenteerd beeld over. De schermen zijn met elkaar verbonden, op een manier die maar langzaam duidelijk wordt – of helemaal niet. Toch is het werk van Fudong meer dan een cinematografisch zoekplaatje; misschien is het vanuit meerdere standpunten vertelde verhaal wel realistischer dan de gemiddelde single screen film. En bovendien een stuk uitdagender om naar te kijken.

Een tegenovergestelde methode wordt door Fiona Tan gehanteerd in A Lapse of Memory (2007). In plaats van één verhaal op meerdere schermen, zoals bij Fudong, vertelt Tan ons meerdere verhalen op één scherm. Hoewel we een personage (goed geacteerd door Johan Leysen) volgen op één locatie, worden meerdere verhaallijnen geopperd. We zien een oude man rondstruinen in een verlaten Oriëntaals paleis – het Royal Pavilion in Brighton – terwijl een voice-over zijn mogelijke geschiedenissen en toekomsten verwoordt. De getekende man baant zich enigszins verloren in deze mogelijke verhalen een weg door het rijk gedecoreerde paleis, wat mooie beelden oplevert. Ondanks de meerdere verhaallijnen is de voice-over erg sturend, waardoor de prachtige film inhoudelijk minder sterk is.

Veel meer gelaagd in zijn vertelwijze is Isaac Julien, die het in EYE  juist weer zeer groots aanpakt. De ruimtelijke installatie Ten Thousand Waves (2010) bestaat uit negen schermen, ruim opgesteld in de mooie kobaltblauwe ruimte van EYE. Julien toont twee met elkaar verweven verhalen, beiden gesitueerd in en om Shangai. Julien combineert het verhaal van een tragisch ongeval waarbij veel illegale Chinese arbeidsmigranten om het leven kwamen met een oude Chinese fabel over de beschermende godin Mazu. Feit en fictie, heden en verleden vloeien in elkaar over, met een variëteit aan beelden die de ruimte vullen. Toch lijkt Julien soms wat door te slaan in zijn grootse aanpak – en doen sommige elementen aan als onnodige opsmuk.

Meer ingetogen is het tweede werk van Tan in de tentoonstelling, die ditmaal haar verhaal op twee schermen uiteen zet. In Saint Sebastian (2001) zien we jonge Japanse meisjes voorbereidingen treffen voor hun Coming of Age Day, een evenement dat het begin van hun volwassenheid inluidt. Waar de man in Tan’s eerst getoonde film A Lapse of Memory soms verdwaalt in de enorme vertrekken, zien we de meisjes hier heel dicht op de huid – en komen ze soms los van hun drukke omgeving. Hoewel de handelingen van de meisjes niet voortdurend boeien, weet Tan bij vlagen een intiem portret van de jonge adolescenten te tonen.

De tentoonstelling in EYE brengt het in 1970 ontstane fenomeen Expanded Cinema mooi in beeld, maar weet er helaas geen nieuwe kijk op te geven. Want hoewel wel degelijk wordt gebroken met de conventies van film, zijn de meeste werken in de tentoonstelling niet aanstootgevend, verontrustend of bijzonder vernieuwend. De kunstenaars tonen vooral dat ze de kunst van film beheersen en gebruiken dit voornamelijk op formeel niveau – wat resulteert in een visueel sterke tentoonstelling. Alleen in The Fifth Night wordt je als kijker daadwerkelijk in aangename verwarring gebracht, voor de rest  zijn de werken vooral prettig om naar te kijken. Dat is zeker mooi – maar niet veel meer dan dat.